Net als dat een schrijver witregels nodig heeft, en een kok de pauze tussen twee afzonderlijke gangen, zo heeft een beeldend kunstenaar lege ruimte nodig, om het beeld in te plaatsen. Zonder lege ruimte komt een werk niet tot zijn recht en voelt het alsof de kunstenaar niet heeft durven kiezen. De lege ruimte bakent af, laat zien: dit is het werk, en dit is de plek die het inneemt in de wereld. Vooral in de beeldhouwkunst zou de lege ruimte evenveel belang moeten hebben als het volume.

frank-zweegers-Calder

Alexander Calder: TĂȘtes et Queue, Stahl, 1965, Berlin
(bron: wikipedia)